Vuurwerk

Feestartikelen Las Fiestas verkoopt geen vuurwerk online, omdat het niet toegestaan is deze producten met pakketpost op te sturen. Onze vuurwerkproducten staan dus louter informatief online.

Vuurwerk Informatief omtrent feestvuurwerk
----------------------------------------
De hoofdlijnen van de nieuwe reglementering betreffende het feestvuurwerk
Vier grote nieuwigheden kenmerken de nieuwe wetgeving inzake feestvuurwerk voor particulieren:

1. Elk type feestvuurwerk bestemd voor particulieren is duidelijk gedefinieerd.
De maximale pyrotechnische samenstelling van elk product is vastgesteld en de veiligheidseisen zijn opgesteld: het mag bij het aansteken geen gevaarlijke brokstukken wegslingeren alsook niet gloeiend terug op de grond vallen. De voorgestelde ontstekingsmethode moet borg staan voor een veilige en betrouwbare ontploffing (art. 2 tot 4 van het ministerieel besluit en de bijlage bij het koninklijk besluit). De volgende types zijn strikt verboden voor de verkoop aan particulieren:

bommen (professioneel vuurwerk dat dient afgeschoten te worden met behulp van een mortier);
vuurpijlen en Romeinse kaarsen waarvan de individuele lading pyrotechnische sas 75 g overschrijdt;
fonteinen en Bengaals vuurwerk waarvan de individuele lading pyrotechnische sas 100 g overschrijdt;
vuurwielen of batterijen van Romeinse kaarsen, fonteinen of soortgelijke tuigen waarvan de individuele lading pyrotechnische sas 75 g voor de vuurwielen of 250 g voor de batterijen overschrijdt;
batterijen van vuur- of zwermpotten waarvan de individuele lading pyrotechnische sas 150 g overschrijdt;
geweerklappers waarvan de individuele lading pyrotechnische sas 2 g overschrijdt;
liniaaltjes en rolletjes waarvan de individuele lading pyrotechnische sas 100 g overschrijdt.
2. Een verplichte indeling van het feestvuurwerk dat in België in de kleinhandel wordt gebracht dient binnen een termijn van één jaar opgemaakt te worden door een officiële instantie, namelijk de Dienst der Springstoffen van het FOD Economie, KMO, Middenstand en Energie (art. 6 en 7 van het ministerieel besluit).

3. Voor elk product wordt een duidelijke en precieze etikettering opgelegd.
Momenteel is enkel een gebruiksaanwijzing vereist. Binnen een termijn van één jaar moet elk feestvuurwerk dat gratis of tegen betaling op de markt wordt gebracht, of daartoe bestemd is, voorzien zijn van een markering die minstens is opgesteld in de taal of de talen van het betrokken gebied overeenkomstig de wet van 14 juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument (art. 9 van het ministerieel besluit en art. 6 van het koninklijk besluit). Deze markering dient zeker te vermelden:

de handelsnaam van het vuurwerk;
de vermelding "feestvuurwerk";
zijn generieke naam, zijn indeling en, in voorkomend geval, de aanduiding "ontploffend vuurwerk";
de hoeveelheid erin vervatte pyrotechnische sas (als ze niet kleiner is dan 0,5 g wanneer het om ontploffend vuurwerk gaat en, in de andere gevallen, als die hoeveelheid niet kleiner is dan 2 g);
de vermelding "niet afgeven aan kinderen jonger dan 16 jaar" tenzij een uitdrukkelijke bepaling van het ministerieel erkenningsbesluit dit toelaat;
de gebruiksaanwijzing als het gaat om ontploffend vuurwerk en om niet-ontploffend vuurwerk met 2 g of meer pyrotechnische sas;
vanaf 1 februari 2004, de referentie van het certificaat van indeling dat hem werd afgeleverd door de Dienst der Springstoffen.
4. De kleinhandelaar dient in elk geval houder te zijn van een opslagvergunning (art. 5 van het koninklijk besluit)! Daarentegen mag de particulier altijd feestvuurwerk met daarin 500 g pyrotechnische sas kopen.

Fundamentele veiligheidseisen en het in overeenstemming brengen ervan.


Feestvuurwerk:

mag, bij het aansteken, geen gevaarlijke brokstukken wegslingeren ; dit geldt onder meer voor vuurwerk dat een geluidseffect moet geven ;
moet op een veilige en betrouwbare manier kunnen ontploffen volgens de voorgestelde ontstekingsmethode ;
moet, indien het lichteffecten in de lucht geeft, een voldoende hoogte bereiken om niet gloeiend terug op de grond te vallen ;
moet gebruikt worden volgens het normaal gebruik ervan ; dit betekent dus volgens de voorschriften van de gebruiksaanwijzing, op plaatsen en in omstandigheden die de openbare veiligheid niet in het gedrang kunnen brengen.
Veilige aansteking: De aanstekingslonten van feestvuurwerk moeten degelijk bevestigd zijn en een vertraging van 3 tot 6 seconden vertonen. De wrijvingsinrichtingen die de lonten soms vervangen moeten dezelfde vertraging vertonen. Erkenning: De Dienst der Springstoffen van het FOD Economie, KMO, Middenstand en Energie moet, voor elk feestvuurwerk dat in België in de handel wordt gebracht, een getuigschrift van indeling in groep b uitreiken. Op kosten van de aanvrager voert deze dienst op representatieve stalen van het product onderzoeken en proeven uit die hij noodzakelijk acht voor de naleving van de voormelde nieuwe bepalingen.

De Dienst kan ook rekening houden met de resultaten van onderzoeken en proeven die gelijkwaardige waarborgen bieden en die reeds uitgevoerd werden in een lidstaat van de Europese Gemeenschap door instellingen of laboratoria die de nodige technische, professionele en onafhankelijkheidswaarborgen bieden. Het certificaat preciseert de naam van de titularis.

Sancties:

De indeling als feestvuurwerk kan worden opgeschort of ingetrokken wanneer een product niet in overeenstemming is met de desbetreffende technische fiche.

Geldboetes en straffen zijn voorzien voor de overtreders van de bepalingen terzake (wet van 28 mei 1956 op de springstoffen).

Overgangsperiode:

De producten die reeds op de markt zijn vóór de datum van inwerkingtreding van de nieuwe reglementering kunnen, op aanvraag ingediend ten laatste zes maanden na deze datum, onderworpen worden aan een voorlopige indeling voor twee jaar.


Explosieven en chemische producten

Feestvuurwerk is allesbehalve speelgoed wegens de samenstelling ervan: zwart kruit en verschillende chemische producten die dienen om de mooie kleuren te geven. Het zijn ontplofbare en zeer brandbare producten die niet voor iedereen bestemd zijn!

De ontdekking van het zwart kruit was de "lanceerbasis" van het vuurwerk. Eeuwenlang is de formule ongewijzigd gebleven: een mengsel van twee zeer brandbare elementen zijnde zwavel (10 delen in gewicht) en kolen (15 delen) met een zeer oxyderend lichaam: salpeter (75 delen). Het kruit is het basismiddel voor de vuurpijlen en dient zowel voor het voortdrijven van het vuurwerk tot op de hoogte waar het moet ontploffen, als voor het doen springen van de vuurpijlen en het verspreiden van de sterren in de hemel. Het gebruik ervan biedt een aantal voordelen: goedkoop, overvloed aan componenten in de natuur, weinig toxisch, grote stabiliteit indien beschut tegen vochtigheid. Slechts een kleine hoeveelheid energie (een gewone vonk) volstaat om de verbranding ervan op gang te zetten: dit betekent dus dat het gevaarlijk is om dit product te manipuleren!

In de beginperiode werd het zwarte kruit verpakt in een kleine buis of in papier waaraan een lont werd vastgemaakt. Het vervaardigen van vuurwerk op grote schaal voor theater- en muziekdoeleinden en shows voor het grote publiek is moeilijker. Fijn "gemalen" zwart kruit wordt gemengd met verschillende chemische producten die evenveel kleuren produceren bij hun verbranding. Dit mengsel wordt dan in vaste vorm opgenomen in kleine "balletjes" die men "sterren" noemt en die in een licht ontvlambare omslag worden geplaatst. Een grote omslag kan tot 100 sterren bevatten. Bij het aansteken van de lont verbrandt het samengeperste poeder waarbij gassen vrijkomen die het vuurwerk in de lucht voortstuwen.

Om te begrijpen wat er tijdens het vuurwerk gebeurt moet men twee grote fenomenen bestuderen: verbrandingen (oxydaties, chemische reacties waarbij de stoffen reageren op de zuurstof in de lucht) en de emissie van licht. Bij een levendige verbranding komt veel warmte vrij wegens de hoge snelheid van de reactie. Voor het activeren (het bereiken van het vlampunt) van een verbranding is er altijd warmte nodig.

Hierbij komen ook nog het geluid, de muziek, de weerkaatsingen, de aandrijving en allerlei andere fenomenen die nodig zijn voor het maken van een kleurrijk spektakel. Er bestaan veel soorten pyrotechnische stukken met telkens een ander effect naar gelang de samenstelling of de structuur van de springstof. Of het nu gaat om watervallen, fonteinen, zonnen, Bengaals vuur, Romeinse kaarsen, … ze vertrekken allemaal van hetzelfde principe: zoveel mogelijk energie opslaan in een zo klein mogelijke ruimte.

Om aantrekkelijk vuurwerk te maken moet er licht geproduceerd worden, dat uit zoveel mogelijk kleuren bestaat. Met chemische producten is het mogelijk om zeer gevarieerde kleuren te bekomen. Elke vuurwerkmaker heeft zijn eigen fabricatiegeheimen. Met elke subtiele dosering kan een precies effect bekomen worden. Wanneer natrium wordt toegevoegd bekomt men oranje. Koper en bariumverbindingen geven blauwe en groene kleuren. Aluminium of magnesium geeft wit. IJzer is eerder goudkleurig en strontiumverbindingen geven rood. Wanneer houtskool bij zwart kruit gevoegd wordt bekomt men een vlammende staart die glinstert zodra hij de hoogte inschiet.

Of ze al dan niet voortgestuwd wordt, de pyrotechnische verbinding moet haar effect produceren. Het gaat om een geluids- (ontploffing, gefluit,…) en/of een lichteffect. In elk geval is de verbranding nog bezig. Mengsels zoals zeer fijn aluminiumpoeder met kaliumperchloraat geven tegelijk licht (wit) en klank (de verbranding is ontploffend).

Bij de productie van licht is het niet zo evident om een bepaalde kleur te bekomen, gedurende een vastgestelde tijd en met de gewenste lichtsterkte, zodat de twee stukken van dezelfde soort werkelijk identiek zouden zijn. Zelfs wanneer de aansteking gelijktijdig gebeurt worden er vaak verschillen vastgesteld.

Een van de belangrijkste activiteiten van de vuurwerkfabrikant is het zoeken naar een mengsel dat een bepaalde kleur geeft. De minste variatie in de samenstelling van het mengsel veroorzaakt een belangrijke wijziging van het tijdens het spektakel geproduceerd effect.

Een kleur komt overeen met een temperatuur en die temperaturen kunnen zeer hoog zijn (3.000° voor magnesium). Men kan inspelen op de verbrandingssnelheid en de temperatuur door de keuze van het oxydeermiddel maar ook door de grootte van de poederkorrels. Zo zijn blauwe kleuren moeilijk te maken als men wil dat ze ook lichtgevend zijn.

Een lang verhaal


Het is onmogelijk om een juiste datum op het ontstaan van vuurwerk te plakken. Voor de meeste historici zou het evenwel in de eerste eeuw in China ontstaan zijn vanuit een eenvoudig mengsel (salpeter, sulfide en stof van houtskool). Bamboestokken werden met dit mengsel opgevuld en in het vuur gegooid om tijdens religieuze feesten te ontploffen. Op korte tijd werden deze speeltuigen rudimentaire wapens die aan pijlen werden vastgemaakt.

Even later ontdekten de Chinezen de voortdrijvende kracht van deze stokken, dankzij de voortstuwing van de uitlaatgassen. Zo onstond de vuurpijl… Rond de achtste eeuw onstond het "zwarte kruit" waarmee een projectiel kon voortgestuwd worden.

De eerste militaire vuurpijl werd gebruikt in het jaar 1232 tijdens de slag van Kai-Keng waar de Mongolen door de Chinezen teruggedreven werden door middel van een versperring van "vliegende vuurpijlen". Een doeltreffend psychologisch wapen. De Mongolen raakten zodanig onder de indruk van deze tuigen (vooral omdat hun paarden in paniek geraakten) dat ze alles in het werk stelden om hun eigen vuurpijlen te maken. Deze raketten werden door hun invasies in Europa verspreid. In geschriften uit de dertiende tot de vijftiende eeuw worden talrijke ervaringen terzake beschreven. Vuurwerk doet echt zijn intrede in Europa in de dertiende eeuw, dankzij Marco Polo.

In de dertiende eeuw, stelde Roger BACON, een Engelse monnik, tijdens experimenten met buskruit een zwart kruit samen dat de draagwijdte van de raketten aanzienlijk heeft uitgebreid. De pyrotechnische kunst was ontstaan. In Frankrijk ontdekte Jean FROISSART de effecten van de lancering doorheen een buis (de basis van de bazooka).

Het eerste modern pyrotechnisch spektakel vond plaats in Frankrijk in de zeventiende eeuw ter gelegenheid van het huwelijk van Lodewijk XIII en Anna van Oostenrijk. Tot de negentiende eeuw bleef vuurwerk nochtans van matige kwaliteit en vertoonde het weinig kleur.

Dankzij de ontwikkeling van de scheikunde vermeerderde het aantal kleuren dat kon gebruikt worden explosief (voorheen werden er enkel een paar variëteiten geel en oranje bekomen door het mengen van houtskool en staal) en evolueerde deze techniek naar een kunst die vandaag klein en groot in verrukking brengt. Hoewel de techniek een paar eeuwen oud is werd de grote meerderheid van de hedendaagse effecten pas in deze eeuw ontwikkeld.

De eerste meesters werden heel veel gevraagd in talrijke landen, paleizen en luxehotels over de hele wereld. Ze moesten allerlei festiviteiten en vieringen animeren: zowel militaire overwinningen als religieuze feesten of ook nog grote kroningsceremoniën.

Door het enorm succes van vuurwerk vormden zich in de VSA zelfs abolitionistische groeperingen. Zij ijverden voor een verbod op vuurwerk. Tussen 1903 en 1907 registreerde de Amerikaanse Medische Vereniging een record aantal ongevallen. Bij het vuurwerk ter gelegenheid van de feesten van 4 juli werden 1.153 personen gedood en vielen er 21.520 gewonden. De eerste stad die vuurwerk verboden heeft was Springfield. Andere steden volgden dit voorbeeld.

Vandaag zijn vuurwerkspektakels nog steeds verboden in 35 Staten van de VSA en zijn er veel beperkingen opgelegd bij het gebruik ervan. Dit geldt eveneens in veel andere landen onder meer dicht bij ons in Nederland waar veel soorten vuurwerk verboden zijn.